De VVD Noord-Holland zet zich krachtig in voor versnelling
van en meer ruimte voor woningbouw. Maar dat betekent niet dat alles daarvoor
moet wijken. Regelmatig geeft de VVD aan dat de ruimte voor woningbouw niet ten
koste mag gaan van de ruimte voor onze bedrijven. Een goede ruimtelijke balans vraagt
van ons dat we, behalve naar het belang van voldoende woningen, ook kijken naar
het belang van de werkgelegenheid en industrie. De VVD wil zuinig zijn op het
verdienvermogen van onze samenleving. Daarbij komt dat voor een gezonde groei,
voor de overgang naar een circulaire economie en voor de energietransitie volgens
het Planbureau voor de Leefomgeving tot wel 40% extra ruimte voor bedrijven nodig
zal zijn.
Helaas zien we dat bij diverse gemeenten bedrijven worden weggesaneerd,
leeggekomen bedrijfsgebouwen worden getransformeerd en bedrijventerreinen worden
ingezet voor woningbouw, zónder dat er enige compensatie van dit verlies aan
bedrijfsruimte plaatsvindt.
De ontwikkeling van ‘Haven-Stad’ in Amsterdam is een
grootschalig voorbeeld van deze ontwikkeling, waarbij woningbouwplannen de
havenactiviteiten langzaam maar zeker verdringen. Ook hier zet de VVD
Noord-Holland zich in voor het behoud van of de compensatie van deze bedrijventerreinen.
Zo heeft de scheepsreparatiewerf Damen op het Cornelis Douwesterrein
ter bescherming de kwalificatie ‘Industrieterrein van Provinciaal Belang’
gekregen en maken we ons hard voor het behoud van de ruimtelijke reservering
voor een mogelijk nieuw havenbekken in de Houtrakpolder.
De provincie Zuid-Holland heeft een meer algemene oplossing
gevonden voor het behoud van voldoende bedrijventerreinen, door in de
Omgevingsverordening een compensatieregel op te nemen. Hierdoor kunnen bedrijfsfuncties
alleen worden weggehaald bij een zwaarwegend algemeen belang, als er geen
realistisch alternatief is en als compensatie van de toegedeelde functies van
het bedrijventerrein elders in de provincie is verzekerd. Een dergelijke
compensatieregel helpt om economische functies te behouden en tegelijkertijd
ruimte te geven aan zwaarwegende maatschappelijke opgaven zoals de woningbouw.
Het leek het CDA en de VVD een goed idee om in Noord-Holland
met een soortgelijk initiatief te komen. Dit was echter een punt waarover in
het coalitieakkoord geen afspraken waren gemaakt en een deel van de coalitie vond
zo’n regeling helaas te beknellend. Daarom hebben we voor onze motie met het
verzoek aan Gedeputeerde Staten voor zo’n concept-compensatieregeling, steun
gezocht bij meer oppositiepartijen dan alleen het CDA. In overleg met diverse
partijen is de motie vervolgens zo opgesteld, dat Gedeputeerde Staten in de
onderbouwing -naast nut en noodzaak- ook de afweging van de voor- en nadelen van
de regeling goed in beeld moeten brengen. Met deze formulering kon in de
decembervergadering van Provinciale Staten de gehele oppositie (met
uitzondering van de SP) instemmen met onze motie en werd deze aangenomen.
Hopelijk zal dit snel leiden tot een regeling om verder verlies
van bedrijventerreinen in onze provincie tegen te gaan!